
Zera is Hebreeuws voor zaad: de nieuwe generatie.
In de Schrift staat zaad voor nageslacht, voor wat na ons komt, en voor wat in vertrouwen in de grond gaat. De zendingsschool rust op Psalm 22:31:
“Het nageslacht zal Hem dienen;”
De naam zegt wat wij beogen. Niet alleen hulp in het heden, maar een generatie die God dient — in Metán, in de bergen, tot aan het einde der aarde.
Zaad is klein. Het werk is dat vaak ook: een klaslokaal, een kinderclub, een dorpsbezoek, een student die voor het eerst het veld in gaat. Geen van die dingen is indrukwekkend naast grote organisaties. Het is wel gehoorzaamheid op de plaats waar God ons zette.
De belofte zit niet in de omvang van de stichting, noch in zichtbaarheid of begroting. De belofte zit in wat God met zaad doet. Hij laat groeien wat in vertrouwen is gezaaid: een kind dat ontdekt dat het waardevol is in Zijn ogen; een student die leert dienen en later anderen meeneemt. Daarom meten wij het werk niet allereerst aan wat men ziet. Wij zaaien. Wij blijven. Wij leiden op. De oogst is van de Heer.